| Vraagbaak archief vraag 71 -
80 |
![]() |
| nr | onderwerp | antwoord |
| 80 | Briefkaart met "N" | ja |
| 79 | Aangetekende enveloppe van Suriname naar NOI | ja |
| 78 | Gepost te Oosterbeek | nee |
| 77 | Veldpoststempel + grenzbesetzung | ja |
| 76 | Militaire briefkaart | ja |
| 75 | Kleinrond Enschede met "onmogelijke" datum | ja |
| 74 | Zeer ingewikkeld samengesteld tarief | ja |
| 73 | Valse stempels in Korteweg | nee |
| 72 | Laat gebruik tweeletter Leerdam | ja |
| 71 | Veldpost begin WOII | ja |
|
Deze briefkaart is verzonden van Londen E.C op 29-11-1901 naar Welteverden aankomst 26-12-1901. Wie weet wat de letter "N" betekent op deze kaart? Reacties naar de webmaster Reactie: De briefkaart is in de Namiddag besteld. De N is een bestellingsstempel. P. Storm van Leeuwen Two questions about this letter. It uses Geuz. 3 envelope, augmented with a 10 cent stamp. It is hand stamped "Suriname via Plymouth" (VIA sans-serif letters), postmarked Paramaribo 8 11 1906, and addressed to Blitar, Java, N.I. It has two back stamps: a Registered London.E.C of 26 No 06, and a squaredcircle of Maus of 25 12 1906. Why was it Registered in London? Where was the postmark of Maus applied? I can't locate it on my map. Blitar is on near the South coast of Java, south of Surabaya. Reacties naar de webmaster reaction: Deze brief met sporen van lakstempel heeft misschien linksonder voor ook sporen van een aantekenstrookje. In blauw staat een (ontvangst-)registratienummer 251 door 't adres. De brief zal tussen Plymouth en Nederland via Londen gegaan zijn, en daar afgestempeld zijn door de afdeling aangetekenden. Voor 'Maus' moet wel Maos gelezen worden. Specialisten kunnen waarschijnlijk nog meer bijzonderheden geven / interpreteren. Frans van de Rivičre, 29 juli 2002. Uit 1953 wordt post aangetroffen met dagtekeningstempel Arnhem- station (4), en met langstempel GEPOST TE OOSTERBEEK. Wie weet wat daar aan de hand was ? Reacties naar de webmaster Wie weet iets meer over dit zegel (grenzbesetzung 1939) in combinatie met dit Veldpoststempel? Reacties naar de webmaster Op de militaire post tijdens de mobilistie van 1914/1918 en 1939/1940 zijn diverse afstempelingen van zgn regiments stempels bekend. Deze dienden min of meer als legalisatie voor de portvrije verzending en komt meestal voor op post die verzonden is via de lokale postinrichting. Thans is het zelfs een verzamelgebied. Het getoonde stempel is een dergelijke toepassing in Zwitserland. Het is een onderdeels stempel van de 6e Abteilung Gebirgs Artellerie die in 1939 gemobiliseerd werden tegen de dreiging uit het noorden (Grenzschutz). N.B. Nederland kende toen ook afdelingen Berg-Artillerie in het KNIL. De zegels kunnen beschouwd worden als zgn sluitzegels of welwillendheidsuitgave voor particuliere doelen (het aanvullen van de kantine kas van het gemobiliseerde onderdeel om het verblijf wat te veraangenamen). Het lijkt op de zgn soldatenzegels zoals in de 1e WO in oa Oostenrijk maar in tegenstelling tot die uitgaven hebben deze "Grenzbesetzung"-uitgaven geen frankeerwaarde. In de speciaalcatalogus van Zumstein van 1940/41 staat de volledige lijst van onderdelen die en "soldatenzegel" uitgaven en dat ging heel ver zoals bv die van de 46e Mitrailleur Kompgnie van hetIVe Bataljion van de 5e Divisie in bigaand voorbeeld. Het stempel is aan de afdruk te zien een gummiestempel met vaste gegevens. Het komt overeen met een onderdeelstempel voor identificatie van documenten zoals brieven, legitimatiebewijzen enz en heeft met de veldpost slechts het woord gemeen maar werd niet postaal gebruikt. Het mist daartoe de datum/tijd eigenschappen enz. Zie bijlage van een echt Zwitsers feldpoststempel uit 1918 dat geheel overeenkomt met de types uit bv 1989 enz. Meer literatuur zie het maandblad van de bond uit april 1940 blz 76 en bv berichten in het duitse verzamelaarsblad DBZ nr 6/89 blz 335 en nr 3/91 blz 133 e.v.. Groeten JPGvdM ![]()
Wie kan er iets vertellen over dit "veldpoststuk"? Reacties naar de webmaster De getoonde kaart is geen veldpostkaart maar een particuliere uitgave, gemaakt met instemming van het ministerie van Oorlog en met hulp van de sectie Ontwikkeling en Ontspanning van de Generale Staf van de Landmacht in 1940. De kaart was bedoeld om de militairen op goedkope wijze een document te verschaffen waarmee zij hun thuisfront konden melden dat zij bv overgeplaatst waren en dat door de familie hun nieuwe adres,inclusief veldpost kantoornummer vermeld moest worden zoals zij het hadden ingevuld. Deze kaarten kwamen uit omstreeks maart 1940 toen de legerleiding meer en meer de nadruk ging leggen op geheimhouding van locatie en nummers van onderdelen. Zij spoorden de militairen aan een velpostnummer aan hun familie bekend te stellen voor correspondentie naar het onderdeel. Het bijzondere was dat de bestaande kaarten daarvoor de regel "Veldpostkantoor no...." niet voerden. (zie bijlage) Ook het voorschrift zoals dat gold conform handboek soldaat (zie bijlage) sprak slechts over het eigen onderdeel en de grotere eenheid. Het publiek vond dat maar raar en dacht dat komt nooit aan en schreef er een locatie bij tegen de zin van de legerleiding. Daarom werd deze kaart met instemming van Defensie verkocht in de kantines op de legerplaatsen om de geheimhouding te stimuleren. Het voorbeeld geeft geen veldpostnummer zoals bv wel op bijlage dd 08.05.1940. Dat komt omdat het commando van de Marine Kustwacht in Amsterdam niet door een veldpostkantoor bediend werd maar post ontving op het adres "Amsterdam Militair". Alle steden met statische onderdelen die niet tot het (verplaatsende) veldleger behoorden, hadden zo`n selectie-adres (tegenwoordig een postbus).Door de PTT werd alle post op het plaatselijke militaire "Garnizoensbureau" bezorgd dat voor verspreiding zorgde. De kaarten hadden tenslotte nog een bijzondere toepassing: Na de capitulatie gebruikte veel militairen het als een melding aan de familie "ik leef nog" naast het melden van een nieuw adres. De kaart van de militair R.J.L van Bijnen is zo`n voorbeeld. Gestempeld op 18.05.1940 aan (aangetrouwde) familie in Heerlen geeft de kaart een postadres aan waar van Bijnen laat zien waar hij verblijft (beide families wonen er nog in Heerlen). De eventuele tekst op de voorzijde maakt duidelijk of dit een nieuw adres of een gezondheidsmelding is. Die tekst zijde bevatte ook reclame van de uitgever (de tuinbouwveilingen) over bv het maken van tomatensoep met rijst enz. Tegenwoordig bestaan er soortgelijke legerformulieren welke bestemd waren om in tijd van oorlog het NAPO-nr thuis te melden en nu gebruikt worden door personeel op vredesmissie bv in Afganistan. JPGvdM
Hierbij een voorbeeld van de tot recent gebruikte
kaarten (voor en achterzijde) waarop de militair net als bij de
mobilisatie in 1940 zijn nieuwe veldpostadres aan
Wie kan mij hierover meer vertellen? De afdruk is voor zover mij bekend, niet door Vellinga genoemd. Heeft iemand meer van dergelijke afdrukken? Waarom is deze stempelafdruk aangebracht met die vroege datum rekening houdende met de eerste verstrekking van kleinrond uurkarakters in april 1877. Aanvullende informatie (pdf) Reacties naar de webmaster Het lijkt erop dat het stempel dat bij vraag 75 hoort een vervalsing is. Het bovenste deel is veel diffuser dan het deel met de uurkarakters. Het deel met de uurkarakters is m.i. later toegevoegd, terwijl het normale franco-takje stempel (het bovenste deel) niet volledig is overgekomen. Martijn Oppers Kan iemand dit tarief verklaren? Reacties naar de webmaster TSchroots in Luchtvaart en Luchtpost Encyclopedie laat op blz. 634 een praktisch identieke enveloppe zien. Er van uit gaande dat 'onze' enveloppe een gewicht had van 280-300 gram dan komen we tot de volgende conclusie: Port is 6 cent (eerste 20 gram) en dan 14 x 5 cent: 76 cent Luchtrecht t/m 20 gram: 75 cent Luchtrecht 20 tot 100 gram (4 x 50 cent): 200 cent Luchtrecht 100 tot 240 gram (7 x 40 cent): 280 cent Luchtrecht 240 tot 300 gram (3 x 30 cent): 90 cent Aantekenen: 15 cent Totaal: 736 cent Brief is gefrankeerd met 7 x 75, 1 x 35 en 1 x 30 cent: 740 cent. Overfrankering: 4 cent Hans Kremer
vraag 73 (24/2/2002)
Vraag 72 (18/2/2002)
Vraag 71 (1/2/2002) |